Alle Nederlandse zorgverzekeraars moeten het voorkeursbeleid dat ze op 1 januari 2025 invoerden voor CDK4/6-remmers staken, heeft de rechtbank van Arnhem dinsdag besloten. Het relatief goedkope borstkankermedicijn zou voor ongeneeslijke patiënten minder goed werken dan twee alternatieven.
Sinds 2025 werd alleen het goedkope middel palbociclib volledig vergoed door de zorgverzekeraars. Die stelden dat de drie beschikbare medicijnen “vergelijkbaar en daardoor inwisselbaar” zijn. Maar volgens de rechtbank is die stelling niet onderbouwd.
Bij de duurdere middelen blijven patiënten langer leven, terwijl dit bij het goedkopere middel “niet duidelijk naar voren komt”. Het voorkeursbeleid vergroot de kans dat ziekenhuizen alleen het goedkope palbociclib gaan voorschrijven. Dat is onrechtmatig, aangezien verzekerden recht hebben op verzekerde zorg, stelt de rechtbank.
De zorgverzekeraars voeren het voorkeursbeleid sinds dit jaar. Het betreft financiële maatregelen die de ziekenhuizen stimuleren om palbociclib voor te schrijven. Het ontmoedigt het voorschrijven van de twee alternatieven ribociclib en abemaciclib, die maar deels worden vergoed en dus duurder zijn.
De rechtbank noemde het beleid ook onrechtmatig tegenover de farmaceuten van de andere CDK4/6-remmers. Daarnaast is er onzorgvuldig gehandeld bij het aanwijzen van het voorkeursmiddel. Een objectieve en eerlijke prijsvergelijking ontbreekt volgens de rechter. Dit betekent dat het inkoopbeleid moet worden gestaakt.
Langere levensduur was onduidelijk
Onderzoekers ontdekten de zogenaamde CDK4/6-remmer een aantal jaar geleden. Het middel wordt gebruikt voor de zorg voor ongeneeslijke patiënten die lijden aan vergevorderde of uitgezaaide hormoongevoelige borstkanker. De remmers kunnen het effect van hormonale therapie versterken.
In Nederland krijgt een op de zeven vrouwen eens in haar leven borstkanker, meldt het Integraal Kankercentrum Nederland. In de meeste gevallen gaat het om hormoongevoelige borstkanker. Jaarlijks komen zo’n zeventienhonderd vrouwen voor een behandeling met CDK4/6-remmers in aanmerking.
Drie farmaceuten maakten ieder een eigen versie van de CDK4/6-remmer. Dit middel werd tussen 2017 en 2019 onderzocht door het Zorginstituut Nederland. Zij concludeerden dat alle drie de middelen goed genoeg en therapeutisch gelijkwaardig waren.
Er volgden nieuwe onderzoeken waarbij ook werd gekeken naar de levensduur van patiënten. Alleen bij het goedkopere palbociclib kwam naar voren dat het niet duidelijk leidde tot een langere levensduur. De farmaceut en de zorgverzekeraars zijn het niet eens met de bewijskracht in deze onderzoeken.