In de noordelijke provincies van Nederland komt vaker Parkinson voor dan in de zuidelijke provincies. Ook komt de ziekte vaker voor bij mensen met een hogere sociaaleconomische positie. Mannen hebben een groter risico Parkinson te krijgen dan vrouwen en het risico stijgt naarmate de leeftijd vordert. Dat blijkt uit onderzoek uitgevoerd door onderzoekers van de Universiteit Utrecht en Radboudumc naar het aantal nieuwe patiënten met Parkinson en de verspreiding in Nederland tussen 2017 en 2022.
De onderzoekers koppelden verschillende gezondheidsgegevens aan demografische en sociaaleconomische data om tot de resultaten te komen.
Tussen 2017 en 2022 werden gemiddeld 3724 nieuwe diagnoses per jaar van de ziekte vastgesteld. De toename van nieuwe patiënten blijft daarmee stabiel. Het totaal aantal mensen met de ziekte van Parkinson neemt wel toe. Dit komt omdat mensen met de ziekte ouder worden. Ze sterven eerder met de ziekte dan dat ze er aan overlijden. ParkinsonNet, een netwerk van zorgverleners die gespecialiseerd zijn in de zorg voor mensen met de ziekte van Parkinson, dragen bij aan een langer leven met de ziekte.
Onderzoekers hebben geen verklaring voor het verschil in aantal mensen met de ziekte van Parkinson in het noorden en zuiden van het land. Er lijkt bijvoorbeeld geen verband met de kwaliteit van de lucht of bepaalde vormen van landbouw. Mogelijk kunnen deze factoren wel een rol spelen. Het risico op de ziekte van Parkinson wordt bepaald door blootstelling gedurende minimaal tien jaar aan bepaalde omgevingsfactoren, en vermoedelijk nog veel langer. In het onderzoek is niet gekeken naar de herkomst van de patiënten, alleen naar het woonadres op het moment van het onderzoek. Meer onderzoek, ook op individueel niveau, is nodig.