Mensen die verward gedrag vertonen, vallen tussen wal en schip als het gaat om zorg. Agenten hebben niet altijd de juiste opleiding, ggz-wachtlijsten zijn eindeloos en door een “systeemfout” kunnen mensen die psychisch lijden en agressief gedrag vertonen nergens terecht.
Mensen die in zichzelf praten of verdwaald lijken, kunnen nergens terecht. De politie wordt vaak opgeroepen voor situaties rond verward gedrag – ze ontving vorig jaar een recordaantal meldingen – maar agenten hebben niet de juiste opleiding gehad om deze mensen te helpen.
Ze hebben volgens de politie hulp nodig van iemand die verstand heeft van mentale problemen. Maar de ggz-wachtlijsten zijn lang en de manier waarop de zorg is geregeld werkt niet in het voordeel van deze mensen, ziet ook brancheverenging Nederlandse GGZ.
“Zelf hulp zoeken is juist voor deze groep mensen ingewikkeld. Ze zijn in de war en hebben vaak negatieve ervaringen met hulpverlening”, zegt Jaap van Weeghel tegen NU.nl. Hij is emeritus hoogleraar aan Tilburg University.
Deze mensen zijn geïsoleerd en verstrikt in een web van allerlei psychische problemen. Ze zijn vaak argwanend tegenover anderen. Daarom is zogenoemde bemoeizorg nodig, stelt Van Weeghel.
‘Bemoeizorg’ hard nodig, maar gebeurt amper door personeelstekort
Dat is zorg waarbij een hulpverlener contact met iemand probeert te krijgen om het vertrouwen te winnen en zo psychische hulp te kunnen geven, legt Josanne van Dongen uit. Zij is associate professor Forensische Psychologie aan de Erasmus Universiteit. Een sociaalpsychiatrisch verpleegkundige zoekt dan naar een “opening om toch hulp te kunnen bieden”.
Vaak vormen voedsel en onderdak de eerste stap, zegt Van Weeghel. Veel mensen in deze groep hebben basale hulp nodig voor zij toe zijn aan psychologische behandelingen. Bemoeizorg is dus hard nodig, vindt ook Van Dongen.
Maar die zorg wordt volgens de experts amper ingezet. “Het is heel arbeidsintensief, terwijl de ggz met flinke personeelstekorten kampt. Bovendien wordt het niet vergoed vanuit de zorgverzekering”, legt Van Weeghel uit. Voor bemoeizorg is daarom een samenwerking vanuit de gemeente nodig, en dat werpt nóg een drempel op.
Het is volgens de experts belangrijk te beseffen dat de ggz niet alles kan. “Als iemand een gevaar vormt voor zichzelf of een ander, kan diegene bij de crisisdienst terecht.” Dat is een tijdelijke noodopvang waar mensen spoedeisende psychiatrische hulp krijgen.
“Maar zodra het gevaar is geweken, belandt iemand weer op straat”, zegt Van Weeghel. “De bedoeling is dat een zorgteam contact houdt met deze cliënt, maar dat is lastig door de wachttijden, het personeelsgebrek en de privacyregels.”
Verward gedrag en de ggz in cijfers
- Bijna 80.000 mensen staan op de ggz-wachtlijst
- Het merendeel staat daar langer op dan de afgesproken norm van 14 weken
- In 2024 ontving de politie 149.827 meldingen over overlast door mensen met verward gedrag
- In Nederland vertonen tienduizenden mensen verward gedrag
- 65 procent van hen is niet bekend bij de ggz
Politie doet alleen aan symptoombestrijding
De complexiteit van de problematiek van deze mensen vraagt om een gezamenlijke aanpak van onder meer de ggz, de politie en justitie, zegt Van Weeghel. Zo helpt de politie bij acuut onveilige situaties. “Maar daarna is het aan de zorg om de oorzaken weg te nemen”, zegt een politiewoordvoerder. “We kunnen iemand doorsturen naar de ggz of een zorgmelding doen, maar daar houdt het voor ons op.”
Volgens de woordvoerder helpt het hen én de mensen om wie het gaat als de hulp direct wordt opgestart zodra een situatie onder controle is. Maar dat is volgens experts dus niet makkelijk.
“Gebeurt dat niet, dan loop je het risico dat we een dag later weer bij iemand op de stoep staan”, zegt de politiewoordvoerder. “Want wij doen aan symptoombestrijding. Diagnosticeren en behandelen is niet aan ons.”
Politie en wijkteams worden te weinig getraind
Toch krijgt de politie dagelijks te maken met mensen met verward gedrag. Maar “agenten krijgen geen trainingen vanuit de ggz”, zegt de woordvoerder. “Natuurlijk is er tijdens de opleiding aandacht voor dit thema, maar op landelijk niveau is dit niet georganiseerd.”
Dat beaamt Van Dongen. “De afgelopen jaren gebeurt dat wel steeds vaker, maar medewerkers die al langer bij de politie zitten, weten hier minder van af. Bovendien is de bijscholing minimaal.”
Daarbij komt dat wijkteams wel proberen om deze mensen hulp te bieden, maar na één of twee keer vragen de casus sluiten, legt Van Dongen uit. “Dat staat dan in de boeken als ‘succes’, omdat er weer een casus wordt gesloten, terwijl deze mensen nog steeds verward zijn en overlast kunnen veroorzaken.”
Verwarde mensen zitten klem door ‘systeemfout’
Bovendien kunnen mensen die (nog) geen strafbare feiten hebben gepleegd (bijna) niet worden geholpen, stelt Van Dongen. “De ggz is er voor psychische hulp en niet voor onhandelbaar of gewelddadig gedrag. Dat ligt bij de forensische zorg. Maar volgens het strafrecht kan iemand geen forensische zorg krijgen als iemand niet is veroordeeld voor een strafbaar feit.”
Mensen met verward gedrag die bijvoorbeeld veel overlast veroorzaken, maar niet gewelddadig zijn, zijn dus nóg vaker de dupe. “Het is tragisch, maar vaak moet er echt iets gebeuren voordat het zorgsysteem er iets mee kan.”
Toch zijn er ook goede alternatieven. Zo is vorig jaar in Rotterdam-Rijnmond een samenwerking gestart met onder meer forensischepsychiatrieketen Fivoor, om een beschermde woonvorm te bouwen voor mensen die ernstig onbegrepen verward gedrag vertonen en een zogeheten ‘forensisch profiel’ hebben.
Ook zet de Mondriaan-kliniek transforensische psychiatrie in. Daar wordt forensische zorg toegepast op mensen met psychische problemen die (nog) niet in het strafrecht thuishoren, vertelt Van Dongen. “Dat is een samenwerking die gericht is op het moeilijk behandelbare gedrag waar de gewone ggz minder mee kan.”
Bron: nu.nl